Bethina de Reus - van Emmen

Wees zelf de verandering die je wenst te zien in de wereld

Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


verhalen:draaglijk

Draaglijk

Studeren en vergaderingen bezoeken

De term 'draaglijk' maken ken ik maar al te goed. Het draaglijk maken en daardoor situaties overleven is mij niet onbekend.

Ten tijde dat ik nog onderdeel uitmaakte van deze hechte geloofsgemeenschap werd er van mij verwacht om drie keer per week vergaderingen bij te wonen. Twee door de weekse avonden en een zaterdag avond of zondag morgen. Deze vergaderingen moest je ook nog eens voorbereiden, waar ook (als je dat deed) veel tijd in ging zitten.

Dat voorbereiden werd zo mooi 'studeren' genoemd. Achteraf weet ik, had dit niks met studeren te maken. Je had tijdschriften en boeken die werden uitgegeven door de geloofsgemeenschap. Deze waren onderverdeeld in hoofdstukken en paragraven. Bij elke paragraaf werden vragen gesteld waarvan je de antwoorden kon vinden in de desbetreffende paragraaf. En als naslagwerk mocht je alleen maar publicaties van de geloofsgemeenschap zelf gebruiken. Ligt het aan mij of hebben we hier te maken met een gigantische vorm van tunnelvisie?

Ik herinner me nog een bijbeltekst die zoiets zei als: Onderzoek alles en behoud het goede. Nou dat gold niet voor het studeren in deze geloofsgemeenschap. Je mocht namelijk niet alles bestuderen, lectuur van andere kerken en geloven zijn namelijk uit den boze. Dat is wat ik nog steeds moeilijk vind, ik heb nooit iets anders mogen geloven dan dat wat me van kinds af aan is mee gegeven.

Maar goed, het studeren dus. Het was een soort van onderstrepen van antwoorden. Als iemand zag dat je streepjes had gezet dacht men echt dat je goed gestudeerd had en als ik het echt nog mooier wilde hebben.. Als ik me echt wilde uitsloven.. Dan schreef ik in de kantlijn van het tijdschrift een bijbeltekst uit! Ik besteede niet veel tijd aan studeren, ik had al gauw door dat de antwoorden onderstrepen en hier en daar een bijbeltekst uitschrijven voldoende was en iedereen tevreden hield. O ik heb mijn momenten gehad dat ik echt beter studeerde hoor, maar dit waren bevliegingen. Je kunt je voorstellen als je in een soort sekte achtige omgeving opgroeit dat de groepsdruk groot is. Over die groepsdruk wil ik het later uitgebreider hebben.

Voor mij was het voornaamste doel om er voor te zorgen dat ik niet te veel achter de vodden werd gezeten en te doen wat er van me werd verwacht (het minimale). De vergaderingen vond ik saai en je moet je beseffen dat het alleen maar herhaling was. Het programma werd echt om de zoveel weken herhaald, weliswaar in een andere vorm of andere woorden maar het werd tot in den treurende herhaald. Kortom ik verveelde me stierlijk. Een aantal tips tegen verveling: een paar keer naar de toilet gaan en daar best de tijd voor nemen, snoep uitdelen, schrijven (en dan geen aantekeningen over wat je hoort), praten (zacht want je wordt zo aangekeken), afdwalen met je gedachten. Dat laatste werkt echt het allerbeste, niemand die het opvalt het is net alsof je geconcentreerd aan het luisteren bent.

Ik verheugde me op vergaderingen als ik naast vriendinnen kon zitten en niet bij mijn ouders hoefde te zitten. Dan kon ik tenminste een beetje lol maken en briefjes uitwisselen.

Langs de deuren gaan

Langs de deuren gaan om andere mensen te bekeren hoorde er ook bij. Dat heb ik erg veel gedaan. Ook hierin had ik mijn actievere periodes waarbij ik soms negentig uur per maand langs de deuren moest lopen, dit werd de pioniersdienst genoemd. Ik vond het echter verschrikkelijk, vooral op te warme zomerse dagen en iedereen op vakantie leek te zijn en ik me kapot zweette en liep.

Je wordt altijd in koppels van twee uitgezonden en je krijgt dan een bepaald gebied waar je mensen benadert. Eigenlijk werd je geleerd om geen genoegen te nemen met de uitspraak 'Ik heb geen interesse', nee je moest doorvragen en toch wel duidelijk maken dat jij belangrijk nieuws had en dat dit van levensbelang was. Ik hield hier niet van en het liefst wilde ik na de eerste 'ik heb geen interesse' aangeven dat dit prima was en weglopen naar het volgende huis.

Als ik enigzins de kans kreeg deed ik dit overigens ook. Wat ik ook nog wel deed was doen alsof ik aanbelde en dan noteren dat er niemand thuis was. Als ik het huisnummer vanaf de straat kon aflezen liep ik soms niet eens het pad op en schreef gewoon het nummer op, dat kon natuurlijk alleen maar op de zeldzame momenten dat ik geen partner had, of een vriendin die er net zoveel zin in had als ik. Draaglijk maken he, daar draaide het om. Het lukte mij om het zo draaglijk te maken door af te spreken met vriendinnen of goede kennissen waardoor ik het leuk vond om langs de deuren te gaan. Lees, ik vond het gezellig met mijn vriendinnen. Het probleem hiermee was wel dat mijn ouders altijd gedacht hebben dat ik fanatiek was in het geloof. Zij hadden niet door dat het mij niet om het geloof te doen was. Dit heeft voor veel verwarring gezorgd toen ik het geloof de rug toekeerde.

Speciale bijeenkomsten

O en dan heb ik het nog niet eens gehad over de kringvergaderingen, dagvergaderingen en congressen! Ook nog allemaal bijeenkomsten waar ik heen moest. Dit waren echter nog leukere bijeenkomsten omdat dit grotere vergaderingen waren waar je makkelijk kon 'verdwijnen.' Hier kwamen ook geloofsgenoten uit andere plaatsen naar toe, soms wel groepen van zeven duizend man. Lekker anoniem dus. Het leuke is dan ook dat je eten meeneemt en snoep. Dus je luistert wel maar eet wat tussendoor, loopt wat tussendoor en je vermaakt je wel. Het leukste vond ik dat op het congres een bijbels verhaal volledig verkleed werd opgevoerd. Daar keek ik naar uit, dat vond ik leuk. Voor de rest waren het alleen maar lezingen waar je naar moest luisteren.

Ik doe lollig over alle bijeenkomsten, bekeringen en het studeren maar het mag duidelijk zijn dat ik het niet had kunnen redden zonder mezelf te vermaken en door het draaglijker te maken. Het is een overlevingsstrategie die ik tot op de dag van vandaag weet toe te passen. Ik ben er voor mezelf nog niet over uit of dit nu iets positiefs is, of dat ik hierdoor geleerd heb om te verdringen in plaats van het onder ogen zien van een situatie.

Kind zijn

Het is ook nog eens zo dat ik eigenlijk geen kind heb kunnen zijn en dat doet me pijn. Er was amper tijd voor vrije tijd, alle tijd werd opgeslokt door het geloof. Vrij vroeg al werden wij als kinderen ook meegenomen langs de deuren en vanaf jongs af aan moest ik mee naar alle bijeenkomsten. Zaterdag ochtend als ik kinder-tv wilde kijken moest ik langs de deuren lopen. Vind je het gek dat ik vaak deed alsof ik ziek was als we naar een vergadering moesten of langs de deuren moesten, dat was de enige reden om thuis te mogen blijven en zodra de anderen weg waren ging ik tv kijken of iets anders leuks doen.

Ik herken dat overigens ook van mijn vader, ik ben wel eens samen thuis gebleven met mijn vader en het eerste wat hij deed toen mijn moeder en zussen wegwaren was de tv aanzetten. Ik verdenk hem er van dat hij ook liever niet bij deze geloofsgemeenschap zat. Als er maar een beetje sneeuw lag riep hij dat het te glad was en dat we niet naar de vergaderingen konden. Ik vond het geweldig dat mijn vader dan niet durfde te rijden en we thuis bleven.

Vriendschap

Toen ik wat ouder werd (15 jaar) had ik een vriendin (die mijn moeder had kunnen zijn qua leeftijd) die heel erg veel voor mij betekende. Zij was degene die mijn laatste jaren in deze geloofsgenootschap het draaglijkst heeft gemaakt. Zij was zo speciaal ze had niet alleen mijn moeder kunnen zijn, ze was belangrijker dan mijn eigen moeder. Ik voelde genegenheid, warmte en liefde bij haar.

Achteraf weet ik dat ze een surograat is geweest voor alle aandacht die ik gemist had in mijn jeugd. Het contact wat we hadden kwam vanuit mij, ik was degene die haar steeds vroeg om naast elkaar te gaan zitten bij de bijeenkomsten of samen langs de deur te gaan. Het kon me niet lang genoeg duren, want ik wilde bij haar zijn, ik wilde alleen maar bij haar zijn…. Ze kwam uit een andere plaats en moest een stukje rijden om naar mij te komen. Ze wilde daarom ook altijd veel uren maken langs de deuren zodat de reistijd ook nog een beetje zin had. Daar had ik wel oren naar, dus we liepen soms 2 a 3 uur langs de deuren. Ik kon dan met haar praten en ik was in haar aanwezigheid, meer hoefde ik niet! Af en toe mocht ik met haar mee naar huis en dan mocht ik blijven eten. Ik had de tijd van mijn leven.

Als ze op vakantie ging dan had ik heimwee, het was de eerste moederlijke figuur die me aandacht en liefde gaf. Ik kon me geen leven zonder haar voorstellen. Ik hield een dagboek bij en deze heb ik bewaard. Ik lees daar vooral over een naar aandacht smachtende tiener die zich wanhopig vastklampt aan een vriendschap die symbool staat voor een chronisch aandachts tekort.

verhalen/draaglijk.txt · Laatst gewijzigd: 2018/05/09 14:08 door bethina